Corrosiebescherming

De profielen die in staalframebouw worden gebruikt, zijn gemaakt van verzinkt staalplaat met een zinklaagdikte van 20 µm. Dat komt overeen met 275 gram/m2. Het verzinken geeft een bijna levenslange corrosiebescherming, zolang de detaillering en afwerking van de staalframebouw onderdelen zorgvuldig zijn uitgewerkt en uitgevoerd. De zinklaag is wel gevoelig voor mechanische beschadiging en aantastingen door vuil en water tijdens transport en opslag.

Bij een normale binnentemperatuur gaat 0,1 gram/m2 zink per jaar op aan corrosie. Daarmee houdt de zinklaag ruimschoots stand tijdens de theoretische levensduur van een woning (50 jaar). Zink heeft door het verschil in elektrisch potentiaal met staal bovendien de eigenschap om beschadigingen in de zinklaag te 'genezen'. Het onedele zink offert zich op ten gunste van het edelere staal. Zodra een deel onbeschermd staal met vocht in aanraking komt, verplaatst het zink zich naar het onbeschermde deel om het tegen corrosie te beschermen. Hierdoor hoeven de zaag- of knipkanten bij (dunwandige) staalprofielen niet extra te worden behandeld.

Pas verzinkte staalprodukten hebben een opvallende glans, die echter binnen een paar weken dof grijs wordt. Deze vergrijzing wordt veroorzaakt door een laag zinkcarbonaat, dat ontstaat door het corroderen van het zink, een reactie van zink met water, zuurstof en kooldioxyde. Deze laag zinkcarbonaat is niet in water oplosbaar en geeft het zink een goede bescherming tegen verdere corrosie.

Als verzinkt staal kort na de productie met vocht, onvoldoende zuurstof én kooldioxyde in aanraking komt, vormt zich 'witte roest'. Deze poedervormige, witte zinkoxyde is redelijk volumineus. Als deze oxyde makkelijk is te verwijderen zonder duidelijke sporen achter te laten op de zinklaag, dan is de corrosiewerende werking niet beïnvloed. Tekenen zich wel duidelijke sporen af in de zinklaag, dan moet de beschermende werking tegen corrosie worden onderzocht en getoetst.

Over de zinklaag heen kunnen één of meerdere verflagen worden aangebracht. Men spreekt dan van een duplex-systeem dat doorgaans gebruikt wordt als een zware aanslag op de corrosiewerende werking wordt verwacht. De verflaag verhindert de vorming van zinkcarbonaat en voorkomt roestverspreiding, die bij de normaal verzinkte delen kan optreden, door kleine mechanische beschadigingen of veroudering. De beschermingsduur van het duplexsysteem is door deze 'synergie' van de producten ongeveer 1,8 tot 2,5 keer langer dan de som van de aparte zink- en verflagen.

De verzinkte staalplaat kan ook fabrieksmatig worden voorzien van een verflaag. Daardoor kan met minder inspanning en tegen lagere kosten een hogere kwaliteit worden bereikt dan wanneer de verf door rollen of schilderen achteraf wordt aangebracht.

Vocht bevordert corrosie. Daarom worden de profielen vaak met de open zijde naar beneden gemonteerd of voorzien van een vochtdoorlatende perforatie. Zo wordt vermeden dat zich tijdens de ruwbouw vocht in de profielen ophoopt. Open ruimtes dienen zo gemaakt te worden dat indringend water direct weer afvloeit.

Bij de keuze van verbindingsmiddelen moet men rekening houden met contactcorrosie. Contactcorrosie wordt veroorzaakt door het onderlinge verschil in elektrisch potentiaal. Bij verzinkte profielen moeten daarom verzinkte bevestigingsmiddelen worden gebruikt. Buiten, dat wil zeggen bij direct contact met regenwater of daar waar condens kan voorkomen, moet men roestvast stalen bevestigingsmiddelen gebruiken. Binnen kan men ook gefosfateerde schroeven toepassen. Daarbij moet men er wel zeker van zijn dat er geen vocht bij kan komen.